Mandaatregeling 2010 gemeente Sint Anthonis

Gegevens van de regeling

OverheidsorganisatieGemeente Sint Anthonis
Officiële naam regelingMandaatregeling 2010 gemeente Sint Anthonis
CiteertitelMandaatregeling 2010 gemeente Sint Anthonis
Versie3
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerpBestuurlijke organisatie

Opmerkingen m.b.t. de regeling

Datum ondertekening inwerkingstredingbesluit 22-06-2010
Bron ondertekening inwerkingstredingbesluit PeelrandWijzer 15-07-2010

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Algemene wet bestuursrecht, artikel 10:3.

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding 14-09-2006
Terugwerkende kracht t/m n.v.t.
Datum uitwerkingtreding n.v.t.
Betreft Nieuwe regeling.
Datum ondertekening 05-09-2006
Bron bekendmaking PeelrandWijzer 13-09-2006
Kenmerk voorstel Geen.
Versie 1 (Deze versie inzien)
Datum inwerkingtreding 14-07-2008
Terugwerkende kracht t/m n.v.t.
Datum uitwerkingtreding n.v.t.
Betreft Nieuwe regeling.
Datum ondertekening 14-07-2008
Bron bekendmaking PeelrandWijzer 13-09-2006
Kenmerk voorstel Geen.
Versie 2 (Deze versie inzien)
Datum inwerkingtreding 15-07-2010
Terugwerkende kracht t/m n.v.t.
Datum uitwerkingtreding n.v.t.
Betreft Nieuwe regeling.
Datum ondertekening 22-06-2010
Bron bekendmaking PeelrandWijzer 14-07-2010
Kenmerk voorstel Geen.
Versie 3

Tekst van de regeling

Mandaatregeling 2010

Het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van Sint Anthonis;

ieder voor zover het diens bevoegdheden betreft;

overwegende dat het wenselijk is om, ter bevordering van een vlotte en klantvriendelijke af-doening van stukken en ter bevordering van de efficiency van de gemeentelijke organisatie, de uitoefening van bepaalde bevoegdheden en de ondertekening van bepaalde stukken te mandateren aan daartoe aangewezen ambtenaren;

gelet op het bepaalde in de Gemeentewet en in de Algemene wet bestuursrecht;

b e s l u i t e n

vast te stellen de volgende regels met betrekking tot de verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan ambtenaren van de gemeente Sint Anthonis:

Paragraaf I. Mandatering van bevoegdheden

Artikel 1
  1. De uitoefening ten aanzien van de in het bij dit besluit behorende mandaatregister vermelde bevoegdheden en de ondertekening van de in dit register genoemde stukken wordt opgedragen aan de gemeentesecretaris en aan de afdelingshoofden van de betreffende afdelingen.

  2. Indien de uitoefening van de in het mandaatregister opgenomen mandaten het beslissen over de besteding van budgetten met zich meebrengt, maakt dit onderdeel uit van het vermelde mandaat. Dit voor zover daarbij de te nemen besluiten niet zullen leiden tot overschrijding van het betreffende budget zoals opgenomen in de gemeen-telijke beleids- en beheersbegroting en voorts met inachtneming van de in het register opgenomen bijzondere bepalingen en van de budgethoudersregeling.

Artikel 2
  1. De gemeentesecretaris en de afdelingshoofden zijn bevoegd om de aan hen gemandateerde bevoegdheden onder te mandateren aan onder hen ressorterende medewerkers.

  2. Van deze bevoegdheid wordt geen gebruik gemaakt dan na uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van het college van burgemeester en wethouders of van de burgemeester, ieder voor zover het haar of zijn bevoegdheden betreft.

  3. De mandaatgever kan de gemandateerde dan wel de ondergemandateerde per geval of in het algemeen instructies geven terzake van de uitoefening van de gemandateerde dan wel de ondergemandateerde bevoegdheid.

  4. Mandaat en ondermandaat doen geen afbreuk aan de in de organisatieregeling vastgelegde verantwoordingslijnen.

  5. Op ondermandaat zijn de bepalingen van deze regeling van overeenkomstige toepassing.

Paragraaf II. Toepassing van het mandaat

Artikel 3

Deze mandaatverlening geldt niet voor de bevoegdheid tot:

  1. het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften;
  2. het vaststellen van beleidsregels;
  3. het beslissen op bezwaarschriften.
Artikel 4
  1. Indien bij een namens burgemeester en wethouders te nemen besluit het beleid van het college is betrokken, legt de (onder)gemandateerde de zaak vooraf voor aan de portefeuillehouder. De portefeuillehouder bepaalt of de kwestie in mandaat kan worden afgedaan of ter besluitvorming aan het college moet worden voorgelegd.

  2. Indien bij een namens de burgemeester te nemen besluit het beleid van deze is betrokken, legt de (onder)gemandateerde de zaak vooraf voor aan de burgemeester.

  3. Voor de toepassing van het bepaalde in het eerste en tweede lid wordt het beleid van burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester geacht bij een te nemen besluit te zijn betrokken indien:

    1. het voornemen bestaat tot een afwijking of aanvulling van een eerder vastgestelde gedrags- of beleidslijn;
    2. rekening moet worden gehouden met de mogelijkheid dat de betrokken portefeuillehouder, het college of de burgemeester zal worden aangesproken op diens verantwoordelijkheid voor het te nemen besluit;
    3. uit het te nemen besluit niet voorziene financiële en/of andere belangrijke consequenties kunnen voortvloeien;
    4. de betrokken portefeuillehouder, het college of de burgemeester zulks kenbaar heeft gemaakt.
Artikel 5
  1. Indien een voorgenomen besluit meer dan één afdeling aangaat, dient overeenstemming te bestaan over de wijze van afdoening.

  2. Bij het ontbreken van deze overeenstemming wordt de zaak voorgelegd aan het college van burgemeester en wethouders of aan de burgemeester, inclusief de van elkaar afwijkende standpunten.

Artikel 6

De (onder)gemandateerde mag geen gebruik maken van de bevoegdheid tot ondertekening van besluiten en correspondentie indien:

  1. de wens daartoe door of namens het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester kenbaar is gemaakt;
  2. het correspondentie betreft die is gericht aan de gemeenteraad;
  3. het correspondentie betreft waarvan ondertekening door het bestuursorgaan uit een oogpunt van representatie van de gemeente gewenst is;
  4. zich na de beslissing nieuwe feiten voordoen of bekend worden als gevolg waarvan het besluit heroverweging verdient of aan het besluit alsnog andere zwaarwegende aspecten verbonden raken.
Artikel 7

Een krachtens afdoeningsmandaat genomen besluit alsmede de op de gemandateerde bevoegdheden betrekking hebbende brieven worden op de volgende wijze door de (onder)gemandateerde ondertekend:

 

Burgemeester en wethouders van Sint Anthonis,
Namens dezen,

 

(handtekening)

 

Naam gemandateerde
Functie gemandateerde

 

of

 

De burgemeester van Sint Anthonis,
Namens deze,

 

(handtekening)

 

Naam gemandateerde
Functie gemandateerde

Artikel 8

Indien het een ondertekeningsmandaat betreft moet uit het besluit blijken dat het door het college dan wel door de burgemeester zelf is genomen. De ondertekening is als volgt:

 

Overeenkomstig het door burgemeester en wethouders genomen besluit d.d.

 

(handtekening)

 

Naam gemandateerde
Functie gemandateerde

 

of

 

Overeenkomstig het door de burgemeester genomen besluit d.d.

 

(handtekening)

 

Naam gemandateerde
Functie gemandateerde
 

Paragraaf III. Volmachten en machtigingen

Artikel 9

De paragrafen I en II zijn van overeenkomstige toepassing op de uitoefening van bevoegdheden op basis van een volmacht of machtiging.

Paragraaf IV. Het mandaatregister

Artikel 10
  1. Het bij dit besluit behorende mandaatregister en zoals dit register nadien zal worden gewijzigd, geeft een overzicht van de bevoegdheden welke zijn gemandateerd en waarvoor ondermandaat is verleend.

  2. Het mandaatregister is openbaar en ligt voor een ieder ter inzage.

Paragraaf V. Slot- en overgangsbepalingen

Artikel 11

De in dit besluit opgenomen (onder)mandaten worden geacht te zijn gewijzigd of vervallen voor zover en op het tijdstip dat de hierin genoemde wetten, regelingen, beschikkingen en verordeningen zijn gewijzigd, ingetrokken of vervallen.

Artikel 12
  1. Het bepaalde in deze regeling en de werking daarvan wordt periodiek, doch minstens eenmaal per jaar geëvalueerd.

  2. Indien deze evaluatie daartoe aanleiding geeft wordt de regeling aangepast.

Artikel 13
  1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van haar bekendmaking.

  2. Op dat tijdstip vervalt de mandaatregeling 2006, vastgesteld d.d. 5 september 2006 door burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester van Sint Anthonis.

Artikel 14

Deze regeling kan worden aangehaald als “Mandaatregeling 2010 gemeente Sint Anthonis”.

Sluiting

Sint Anthonis, 22 juni 2010

Burgemeester en wethouders van Sint Anthonis,
de wnd. secretaris,               de burgemeester,

Mr. G.J.M. Timmermans       M.L.P. Sijbers

De burgemeester van Sint Anthonis,

M.L.P. Sijbers

Bijlage Mandaatregister gemeente Sint Anthonis 2010

Vastgesteld door B&W respectievelijk de burgemeester d.d. 22 juni 2010

Gebruikte afkortingen

B&W - Burgemeester en Wethouders

BGM - Burgemeester

SR - Secretaris

AH - Afdelingshoofd

CO - Coördinator/ Projectleider

SB - Senior Beleidsadviseur

SC - Senior Consulent

BA - Beleidsadviseur

CT - Consulent

VS - Vakspecialist

SMW - Senior Medewerker

KA - Klantadviseur

 

  mandaatgever
 
Secretaris
 
Mandaat aan AH
 
Ondermandaat aan CO
 
Ondermandaat aan SB
 
Ondermandaat aan SC
 
Ondermandaat aan CT/BAOndermandaat aan VS/SMWOndermandaat aan KA 
 ALGEMEEN
 
         OPMERKINGEN
1.Verstrekken van openbare
informatie en inlichtingen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
2.Afdoen van eenvoudige
voorbereiding- en
uitvoeringscorrespondentie.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
3.Uitoefening van alle
bevoegdheden van het college
van B&W aan één collegelid of
meer collegeleden, voorzover
vanwege spoedeisend
noodzakelijk moet worden geacht en onder de voorwaarden dat achteraf verslag wordt gedaan
aan het college.
B&WSRAH      Mandatering aan één of meer
collegeleden. Is aan een
collegelid afzonderlijk.
4.Het nemen van een besluit tot het aangaan van overeenkomst met derden voor aan en/of door de gemeente te leveren roerende goederen, diensten of leveringen, voorzover passend binnen de doelstelling van het toegekende budget.B&WSRAHCO      
5.Verzending van
ontvangstbevestigingen,
voortgangsberichten en berichten van behandeling.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
6.Openbare kennisgevingen ten
aanzien van krachtens verleend
mandaat genomen c.q.
voorgenomen besluiten.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
7.Het doen van aangifte bij de
politie met betrekking tot
gemeente-eigendommen en
zaken in gemeentelijk beheer.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
8.Aangaan van overeenkomsten
met derden voor het afsluiten of
prolongeren van
verzekeringsovereenkomsten
inclusief de ondertekening van de geaccordeerde (privaatrechtelijke)
overeenkomsten.
B&WSRAHCO      Voor zover binnen het eigen
werkgebied.
Beperkt tot € 5.000 voor zover
binnen het beleid
Groter dan € 5.000 is schriftelijk
toestemming van de secretaris
vereist.
9.Besluitvorming inzake het in
behandeling nemen en
afhandelen van
schadeclaims/verzekeringen/
aansprakelijkstellingen
B&WSRAHCOSB     Tot € 5.000 binnen eigen
taakgebied
10.Het aanvragen van vrijblijvende
en kosteloze offertes
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  Binnen eigen taakgebied
11.Het horen van belanghebbenden,
zoals onder andere bedoeld in de artikelen 4:7 en 4:8 van de
Algemene wet Bestuursrecht.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  In aanwezigheid van
portefeuillehouder.
12.Bevoegdheden in het kader van
de voorprocedure handhaving
(voornemen tot het opleggen van een dwangsom of het toepassen van bestuursdwang), mits het gaat om een eenvoudige aangelegenheid.
B&WSRAH       In overleg met de
portefeuillehouder en
ondertekening door b&w.
13.Het nemen van eenvoudige
intrekkingsbesluiten voor wat
betreft handhavingsbesluiten.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
14. Uitnodigen voor een hoorzitting.B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
15. Het verdagen van de beslissing
op een ingediend bezwaarschrift.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
16. Het niet in behandeling nemen
van een aanvraag op grond van
artikel 1:3 APV.
B&WSRAH       
17. Het toestaan van gebruik van
voorzienningen en het bieden van tijdfacilliteiten op grond van de Wet op de ondernemingsraden.
B&WSR        Gemandateerd aan de
gemeentesecretaris, geen
submandaat. In zijn hoedanigheid
van WOR-bestuurder.
18. Het verstrekken van de gegevens aan de ondernemingsraad in het
kader van hoofdstuk IV B van de
Wet op de ondernemingsraden.
B&WSR        Gemandateerd aan de
gemeentesecretaris.
19. De toepassing van
rechtspositionele regeligen,
alsmede het aangaan van
privaatrechtelijke
rechtshandelingen en het
verrichten van andere
handelingen op rechtspositioneel
gebied.
B&WSR        Gemandateerd aan de
gemeentesecretaris. Is
toegestaan na overleg met het
MT. Uitgezonderd zijn
beslissingen t.a.v. de
gemeentesecretaris en het
nemen van beslissingen op
bezwaar op rechtspositioneel
gebied. Uitgezonderd is
bovendien het aanstellen van
vrijwilligers van de brandweer.
20.Het nemen van besluiten met
betrekking tot reorganisatie van
de ambtelijke dienst.
B&WSR        Gemandateerd aan de
gemeentesecretaris. Is
toegestaan na overleg met het
MT. Uitgezonderd zijn
reorganisatiebesluiten met
zodanig ingrijpende gevolgen dat
een sociaal plan nodig is en
besluiten tot privatisering of
publiekrechtelijke
taakoverheveling.
21.Het invullen van de
maatwerkregeling en de
arbeidsdienstverlening en het
inrichten van de preventietaken
op grond van de
arbeidsomstandigheden.
B&WSR        Gemandateerd aan de
gemeentesecretaris, toegestaan
na overleg met het MT.
22.Het ondertekenen van brieven,
waarin besluiten van de
burgemeester of het college van
burgemeester en wethouders
worden medegedeeld aan
betrokkenen
(ondertekeningsmandaat).
B&WSRAH       Gemandateerd aan de
gemeentesecretaris, waarmee het
ondertekeningsmandaat niet geldt
voor brieven met een bijzondere
status.
23.Het realiseren van de output en
de daaraan besteedde middelen,
zoals deze zijn aangegeven en
aangewezen in de
beheersbegroting van de
gemeente (budgetbeheer)
B&WSRAH       Gemandateerd aan de
gemeentesecretaris. Zie
budgethoudersregeling.
 PERSONEEL & ORGANISATIE          
24.Opstarten werving en selectie.B&WSRAH       
25.Het administratief afhandelen van werving- en selectieproceduresB&WSRAHCOSBSC CT/BA   
26.De uitvoering van de
wachtgeldregeling en de
uitkeringsregeling.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
27.De uitvoering van de
seniorenmaatregelen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
28.De uitvoering van de
spaarloonregeling.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
29.De uitvoering van de
hypotheekregeling ambtenaren
gemeente Sint Anthonis.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
30.De uitvoering van de regelingen
betreffende ouderschapsverlof.
B&WSRAH COSBSC CT/BA VS/
SMW
  In overleg met dienst P&O en na
goedkeuring MT
31.De uitvoering van de regeling
kinderopvang.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  In overleg met dienst P&O en na
goedkeuring MT
32.Het geven van opdracht tot
controle bij ziekte van personeel.
B&WSRAH       In overleg met dienst P&O en na
goedkeuring MT
33.Het doen van opgaven ten
behoeve van statistische
informatie.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
34.Het afgeven van
werkgeversverklaringen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
35.De toepassing van de regeling
met betrekking tot (buitengewoon)
verlof.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
36.De uitvoering van de regeling
betreffende zorgverlof.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
37.De toepassing van de richtlijnen
deeltijdarbeid.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
38.De toepassing van de regeling
viering
ambtsjubilea/afscheid/attenties.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
39.Het verlenen van voorschotten.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
40.Declaraties IZA, ABP,
loonbelasting, etc.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
41.Het verlenen van opdrachten ten
behoeve van het opleidingsplan
en andere opleidingsactiviteiten.
B&WSRAH       
42.De uitbetaling van bezoldiging na overlijden.B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
43.Het tijdelijk inhuren van
personeel.
B&WSRAH       Na akkoord MT
44.Het benoemen van personeel
binnen de formatie.
B&WSRAH       
45.Het salaristechnisch inpassen van personeel.B&WSRAH       
46.Het op verzoek verlenen van
eervol ontslag.
B&WSRAH       
47.Het aangaan van
stageovereenkomsten.
B&WSRAH       
48.Het verlenen van een geldelijke
voorziening aan de leden van de
raad en aan commissieleden.
B&WSRAHCOSB     
49.De uitvoering van de regeling
studiefaciliteiten. 
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
50.Uitvoering van de regeling
verplaatsingskosten.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
51.Het afhandelen van
aanvraagformulieren voor
pensioenkeuringen,
ouderdomspensioen, WAO,
reïntegratie, etc.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
52.Het voeren van correspondentie
met betrekking tot opgaven,
aangiften en verklaringen met
daarvoor in aanmerking komende instellingen over de administratie van de salarissen, wachtgelden,
herplaatsingstoelagen,
ziekengelduitkeringen en
vergelijkbare uitbetalingen door
de gemeente.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
53. De uitvoering van de
cafetariaregeling
B&WSRAHCOSBSC CT/BAVS/
SMW 
  
 JURIDISCHE ZAKEN EN
VEILIGHEID
          
54. Bevoegdheden in het kader van
de Algemene Plaatselijke
Verordening.
Zie bijlage 1.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
55. Het verlenen van toestemming
voor het tijdelijk plaatsen van een aankondigingsbord op grond van het aankondigingsbordenbeleid.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
56. Het nemen van een
weigeringsbesluit op grond van
het  ankondigingsbordenbeleid.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
57. Bevoegdheden in het kader van
het verlenen van drank- en
horecavergunningen alsmede
ontheffingen op basis van de
Drank- en Horecawet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
58. Bevoegdheden in het kader van
de Verordening winkeltijden:
· toestemming om een
verleende ontheffing over te
dragen;
· ontheffing verlenen van het
verbod vervat in artikel 2 van
de wet ten behoeve van
bijzondere gelegenheden van
tijdelijke aard of het uitstallen
van goederen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BAVS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
59. Verlenen van vergunning voor het
aanwezig hebben van
speelautomaten in het kader van
de Wet op de Kansspelen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
60. Bevoegdheden in het kader van
de Wet op de Kansspelen (kleine
loterij, bingo, kienen).
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
61. Bevoegdheden in het kader van
de Marktverordening.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
62. Vergunning verlenen voor vaste
standplaatsen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
63. Het nemen van tijdelijke
verkeersmaatregelen in het kader
van evenementen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
64. Het verlenen van een ontheffing
als bedoeld in artikel 148 van de
Wegenverkeerswet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
65. Het geven van toestemming voor het gebruik van
gemeentegronden voor feesten
en evenementen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BAVS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
66.Het verlenen van ontheffing van
het verbod in de openlucht
afvalstoffen te verbranden buiten
inrichtingen of anderszins vuur
aan te leggen, te stoken of te
hebben op grond van artikel
5.5.1, lid 2 van de APV dan wel
artikel 10.63, lid 2 van de Wet
milieubeheer, mits in het kader
van evenementen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
67.Het verstrekken van een
verklaring van geen bezwaar voor
het doen opstijgen van
luchtballonnen op grond van het
besluit inrichting en gebruik niet
aangewezen luchtvaartterreinen. 
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
68.Verlenen van een
brandveiligheidsvergunning voor
niet-bouwwerken als bedoeld in
de brandveiligheidsverordening.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Met uitzondering van alle
besluiten die niet op grond van
bestaand beleid zijn genomen,
deze zijn gemandateerd aan het
afdelingshoofd.
69.Het aanvragen van een uittreksel
uit het Algemeen
Documentatieregister en/of het
politieregister in het kader van de
verlening van een koninklijke
onderscheiding of de verlening
van een vergunning op grond van
een bijzondere wet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
70.Het nemen van eenvoudige
intrekkingsbesluiten voor wat
betreft verleende vergunningen.
B&WSRAH       
71.De uitvoering van de Wet
Openbaarheid van bestuur.
B&WSRAH       
 FINANCIEEL SR        
72.Het aangaan/uitlenen van
daggeldtransacties.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
73.Het afhandelen van statistische
opgaven.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
74.Het ondertekenen van
betaallijsten 
B&WSRAH       Mandaat pas in werking na de
aanpassing van het
Treasurystatuut.
75.Het doen van aangifte inzake
omzetbelasting.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
76. Het indienen van declaraties bij
het BTW-compensatiefonds.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
77. Het ondertekenen van saldoopgaven
van gemeentelijke
leningen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
78. Het doen van aangifte inzake
verontreinigingsheffingen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
79. Het indienen van een pro forma
bezwaarschrift tegen diverse
opgelegde aanslagen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
80. Het oninbaar verklaren van
vorderingen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Tot een bedrag ter hoogte van €
250,00
 BEVOLKING KCC
KLANTENSERVICE
          
81. Besluiten in het kader van de Wet GBA.B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
82. Besluiten in het kader van
rijbewijzen en reisdocumenten.
B&WSRAHCOSBSC CT/BAVS/
SMW
 KA 
83. Besluiten in het kader van de
Dienstplichtwet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
84. Bepalen openingstijden o.g.v. art. 1:16c Burgerlijk Wetboek.B&WSRAH       
85. Besluiten in het kader van de
Kieswet, het Kiesbesluit, de Wet
op de Europese verkiezingen het Besluit op de Europese
verkiezingen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
86. Besluiten in het kader van diverse soorten referenda.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
87. Besluiten in het kader van de
Rijkswet op het
Nederlanderschap.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
88. Besluiten in het kader van een
(geslachts)naamwijziging.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
89. De benoeming van een
buitengewone ambtenaar van de burgerlijke stand.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
90. Het waarmerken van een kopie of afschrift.B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
91. Het aanvragen van een uittreksel uit het Algemeen
Documentatieregister en/of het
politieregister, tenzij het gaat om
de verlening van een koninklijke
onderscheiding of om de
verlening van een vergunning op
grond van een bijzondere wet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
92. Besluiten in het kader van de Wet op de Lijkbezorging.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
93. Afgeven verklaring: attestatie de
vita, legalisatie handtekeningen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
 KCC
PRODUCTONDERSTEUNING/S
TRATEGIE EN BELEID
          
94. Taken voor het beheer van de
basisregistraties adressen en
gebouwen
a. het opstellen van de
‘ambtelijke verklaringen’
b. het toetsen van (overige)
brondocumenten aan de
vereisten voor inschrijving
ingevolge artikel 11 van de
Wet basisregistraties
adressen en gebouwen;
c. het uitgeven van
inschrijfnummers en
identificatienummers;
d. het, op grond van het
bepaalde in artikel 10,
tweede lid, van de Wet
basisregistraties adressen
en gebouwen, inschrijven
van de in of op grond van
artikel 10, eerste lid van de
Wet basisregistraties
adressen en gebouwen
aangewezen
brondocumenten in het
adressenregister dan wel het
gebouwenregister;
e. het ingevolge artikel 9 van
de Wet basisregistraties
adressen en gebouwen
verzorgen van een zodanige
opzet van het
adressenregister en het
gebouwenregister, dat de
inhoud daarvan duurzaam
kan worden bewaard en te allen tijde binnen een redelijke termijn raadpleegbaar en beschikbaar is;

f.het, ingevolge artikel 14 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, zorg dragen voor een goede beschikbaarheid, werking en beveiliging van de adressenregistratie respectievelijk de gebouwenregistratie;

g.het op basis van de brondocumenten opnemen van gegevens in de adressenregistratie en de gebouwenregistratie overeenkomstig de voorschriften uit de artikelen 14A en 15 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen;

h.het ontvangen, doorgeleiden en afhandelen van meldingen zoals bedoeld in artikel 37 en verzoeken zoals bedoeld in artikel 38 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, inclusief de verwerking daarvan zoals bedoeld in de artikelen 31, 39, 40 en 41 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen;

i.het onderhouden dan wel doen onderhouden van het berichtenverkeer met de Landelijke Voorziening basisregistraties adressen en gebouwen zoals bedoeld in artikel 31 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen;

j.het op verzoek aan eenieder verlenen van inzage in het adressenregister, het gebouwenregister, de adressenregistratie en de gebouwenregistratie, alsmede het aan eenieder verstrekken van de in de adressenregistratie respectievelijk de gebouwenregistratie opgenomen gegevens zoals bedoeld in artikel 32, eerste lid onder a van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen;

k.het bevorderen van de nakoming van de gemeentelijke verplichtingen in het kader van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, met inbegrip van de inrichting van de processen, de conformiteit van het gebruikte informatiesysteem en de beveiligingsmaatregelen alsmede het rapporteren over die nakoming daarvan aan burgemeester en wethouders.

B&WSRAHCO      
95. Vaststelling definitieve
geometrie
Vaststelling van de definitieve
geometrie van panden en
verblijfsobjecten, zoals bedoeld
in artikel 8 van de Wet
basisregistraties adressen en
gebouwen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Tevens heeft de medewerker
bedrijfsvoering E mandaat.
96. Opmaken van een procesverbaal
Bevoegd tot het opmaken van
processen-verbaal van
constatering, zoals bedoeld in
artikel 10, eerste lid, onder b van
de Wet basisregistraties
adressen en gebouwen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Tevens heeft de medewerker
bedrijfsvoering E mandaat.
97. Opmaken van schriftelijke
verklaringen
Als ambtenaren bevoegd tot het
opmaken van schriftelijke
verklaringen, strekkende tot het
signaleren van een wijziging in
de feitelijke situatie die van
invloed is op een of meer in de
gebouwenregistratie
opgenomen gegevens en die
niet voortvloeit uit een krachtens
de Wet basisregistraties
adressen en gebouwen
aangewezen brondocument,
aan te wijzen:
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA Tevens heeft de medewerker
bedrijfsvoering E mandaat.
98. Alle bevoegdheden in het kader
van het in behandeling nemen en
verlenen van een
gebruiksvergunning op grond van
de bepalingen in de
gemeentelijke Bouwverordening.
Zie bijlage 4.
B&WSRAH SBSC CT/BA   Alleen de in bijlage 4 opgenomen
bevoegdheden welke zijn
voorzien van een * zijn
gemandateerd tot het niveau van
brandweercommissaris.
99. Het schriftelijk wijzen op het niet
naleven van voorschriften op
grond van de APV, de
Bouwverordening, de Woningwet en de Wet milieubeheer met
betrekking tot de brandveiligheid, mits het gaat om een eenvoudige aangelegenheid.
B&WSRAH SBSC CT/BA   
100. Het schriftelijk verzoeken om
informatie over bereikbaarheid,
evenementen, opslag gevaarlijke stoffen, vuurwerk en overige gevaarlijke activiteiten.
B&WSRAH       
101. Het nemen van besluiten inzake leerlingenvervoer.B&WSRAHCO      
102. Het geven van opdrachten aan
vervoerders voor de uitvoering
van ritten in het kader van het
leerlingenvervoer.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
103. Het nemen van besluiten inzake registratie gastouders,
kinderopvang en
peuterspeelzalen.
B&WSRAHCO SBSC CT/BA   
104. Het verstrekken van
onderwijsvoorzieningen.
B&WSRAH       
105. Besluiten over de verlening c.q.
vaststelling van subsidies, met
uitzondering van incidentele
subsidies en startsubsidies.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
106. De afhandeling van in de
begroting opgenomen subsidies.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
107. Besluiten over de toekenning van jubileumsubsidies op grond van de Deelverordening éénmalige activiteiten.B&WSRAHCO      
108. Het verstrekken van voorschotten op verleende subsidies.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
109. Het nemen van eenvoudige
beëindigingsbesluiten voor wat
betreft het recht op een
toegekende voorziening of
subsidie.
B&WSRAHCO      
110. Het in gebruik geven van
binnensportaccommodaties.
B&WSRAHCOSBSC CT/BAVS/
SMW
 KA 
111. De aanschaf of vervanging van
materialen ten behoeve van
sportaccommodaties.
B&WSRAHCO      Binnen de geraamde begroting.
112. Het nemen van besluiten in het
kader van:
· de Wet Werk en Bijstand,
inclusief bijzondere bijstand
en langdurigheidstoeslag en
exclusief het Besluit
bijstandverlening
zelfstandigen;
· de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkeloze
werknemers;
· de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijke
arbeidsongeschikte gewezen
zelfstandigen;
· de Wet maatschappelijke
ondersteuning;
· verklaring omtrent
verplichtingen;
· de Verordening op het
Declaratiefonds;
· het aangaan van een
trajectplan uitstroom.
B&WSRAHCO      
113. Het nemen van besluiten in het
kader van de Verordening
reïntegratie Wet werk en bijstand,
de Verordening toeslagen en
verlagingen Wet werk en bijstand
en de Verordening afstemming
Wet werk en bijstand.
B&WSRAHCO      
114. Beslissingen tot het opleggen van een hersteltermijn.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
115. Beslissingen tot het verstrekken van voorschotten.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
116. Beslissingen in het kader van de Wet Inburgering Nieuwkomers en
de Regeling Oudkomers.
B&WSRAHCOSB     
117. Besluiten tot het afgeven van
gehandicapten- parkeerkaarten.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Binnen de beleidskaders.
118. Het opvragen van adviezen aan
derden in het kader van alle
bovengenoemde wetten en
regelingen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
119. Het nemen van eenvoudige
beëindigingsbesluiten voor wat
betreft het recht op een uitkering
of voorziening.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
120. Het verlenen van
aanlegvergunningen (artikel 3.3
Wet ro).
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
121. Uitgaande brieven ter
voorbereiding van beslissingen op
zaken (bijvoorbeeld advies
vragen aan instanties over
bepaalde zaken, waaronder
advies over het
bestemmingsplan).
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
122. Het zorgdragen voor wettelijk
vooroverleg ex artikel 3.1.1 Bro.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
123. Het inzenden van stukken ex
artikel 3.6, lid 1, sub a Wro, artikel 3.10 Wro en/of artikel 50 lid 5 Woningwet naar de provincie, het Rijk en andere bij de procedure betrokken partijen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
124. Het behandelen en beslissen op een definitief besluit tot wijziging van het bestemmingsplan als
bedoeld in artikel 11 van de Wet
op de Ruimtelijke Ordening.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Bij een ingediende zienswijze in
overleg met de portefeuillehouder
125. Het nemen van definitieve
besluiten in het kader van het
verlenen van projectbesluiten
3.10 Wro, binnenplanse
ontheffingen 3.6.1 sub c Wro,
buitenplanse ontheffingen 3.22
Wro en tijdelijke ontheffingen 3.22 Wro
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Bij een ingediende zienswijze in
overleg met de portefeuillehouder
126. Het afhandelen van
vrijstellingsprocedures op basis
van artikel 3.6, lid 1, sub a Wro.
B&WSRAHCO      Bij een ingediende zienswijze in
overleg met de portefeuillehouder
127. Correspondentie c.q. informatie
voorafgaand aan de beslissing tot aankoop, verkoop en ruiling van onroerende zaken.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   In overleg met portefeuillehouder
128. Voorafgaande correspondentie
inzake verhuur of verpachting van gronden.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
129. Het verlenen van een opdracht tot geluid- en bodemonderzoek.B&WSRAHCO      
130. Het ondertekenen van alle
eenjarige en eenmalige
pachtcontracten ten behoeve van de verpachting van gronden voor korte duur.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
131. Regulier verlengen van
pachtovereenkomsten
B&WSRAH       
132. Het opzeggen van
pachtovereenkomsten aan
pachters die de leeftijd van 65
jaar hebben bereikt.
B&WSRAH       
133. Verhuur van volkstuinen.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Binnen het beleidskader.
134. Het tijdelijk in gebruik geven van gronden.B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Binnen het beleidskader.
135. Het voeren van onderhandelingen
over minnelijke grondverwerving
binnen het raam van de taxatie of door B&W aangegeven prijzen en het vastleggen van het resultaat van de onderhandelingen in een
conceptovereenkomst.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Binnen het beleidskader.
136. Het voeren van onderhandelingen
over overige voorwaarden terzake van grondverwerving.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   Binnen het beleidskader.
137. Het aangaan van
huurovereenkomsten bij de
verhuur van gemeentegebouwen.
B&WSRAHCO      Ondertekening van de
overeenkomst door bgm.
138. In gebruik geven van
groenstroken.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
139. De toezending van aanvragen en de daarbij behorende stukken om subsidie en
restauratievergunningen voor
rijksmonumenten aan de
Rijksdienst voor de
Monumentenzorg.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
140. Alle correspondentie in het kader van een wijzigingsvergunning voor rijksmonumenten op grond
van de Monumentenwet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
141. Alle bevoegdheden in het kader
van het verzoek om vooroverleg
bouwaanvraag en de definitieve
aanvraag tot bouwvergunning
voor licht-vergunningsplichtige
bouwwerken, voor reguliervergunningsplichtige
bouwwerken en omgevingsvergunningen.
Zie bijlage 2.
B&WSRAHCOSBSC    Alleen de in bijlage 2 opgenomen
bevoegdheden welke zijn
voorzien van een * zijn
gemandateerd tot het niveau van
ka.
142. Het intrekken van lichte en
reguliere bouwvergunningen,
sloopvergunningen en
omgevingsvergunningen.
B&WSRAHCOSBSC    Binnen het beleidskader.
143. Het verdagen van de beslissing
op een aanvraag om een
bouwvergunning en
omgevingsvergunningen.
B&WSRAHCO      Binnen het beleidskader.
144. Het besluit tot het weigeren van
aanvraag voor een lichte en
reguliere bouwvergunning en
omgevingsvergunningen.
B&WSRAHCO      Binnen het beleidskader.
145. Het besluit om een
bouwvergunning te verlenen voor
lichtvergunningsplichtige
bouwwerken alsmede voor
reguliervergunningsplichtige
bouwwerken en
omgevingsvergunningen.
B&WSRAHCOSBSC    Ondertekening van bijlagen tot
het niveau van ka gemandateerd,
binnen het beleidskader.
146. Het beslissen op een aanvraag
bouwvergunning en
omgevingsvergunningen na een
planologische
vrijstellingsprocedure op grond
van artikel 15/17/19 van de Wet
op de Ruimtelijke Ordening
B&WSRAHCOSBSC    
147. Het afhandelen van
vrijstellingsprocedures op basis
van artikel 3.6, lid 1 sub c en 3.23 Wro.
B&WSRAHCOSB     Geen mandaat bij een ingediende
zienswijze.
148. De beslissing op het verzoek om tijdelijke woonvoorzieningen te plaatsen bij in aanbouw of
verbouw zijnde woningen.
B&WSRAHCOSBSC    De beslissing op het verzoek om
tijdelijke woonvoorzieningen te
plaatsen bij in aanbouw of
verbouw zijnde woningen.
149. Het feitelijk stilleggen van
bouwwerkzaamheden of
sloopwerkzaamheden op grond
van de Woningwet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
150. Het schriftelijk bevestigen van het stilleggen van
bouwwerkzaamheden of
sloopwerkzaamheden op grond
van de Woningwet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
151. Het verlenen van diverse
vrijstellingen op grond van het
Bouwbesluit.
B&WSRAHCOSBSC    
152. Beslissingen en brieven in het
kader van de eindcontrole.
B&WSRAHCOSBSC    
153. Beslissingen en brieven in het
kader van de beoordeling van
statische tekeningen en
berekeningen.
B&WSRAHCOSBSC    
154. Alle bevoegdheden in het kader
van de aanvraag voor een
sloopvergunning en
omgevingsvergunning.
B&WSRAHCOSBSC    Binnen het beleidskader.
155. Het besluit om een
sloopvergunning en
omgevingsvergunning te
verlenen.
B&WSRAHCOSBSC    Binnen het beleidskader.
156. Het besluit om een
sloopvergunning en
omgevingsvergunning te
weigeren
B&WSRAHCO      
157. Het waarmerken en publiceren
van digitale ruimtelijke
instrumenten conform artikelen
1.2.1, lid 1 en 1.2.2, lid 2 Bro en
de Regeling standaarden
ruimtelijke ordening 2008
B&WSRAHCOSBSC    Applicatiebeheerders DURP
158. Alle bevoegdheden met
betrekking tot huisnummering.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  Geen mandaat voor het geven
van straat- en wijknamen.
159. Het beslissen op verzoeken tot
geringe wijzigingen van de
openbare verlichting.
B&WSRAHCO      
160. Alle bevoegdheden in het kader
van ontwerpbesluiten en
definitieve besluiten in procedures
van:
· Wet milieubeheer
vergunningen en meldingen;
· nadere eisen op basis van
een algemene maatregel van
bestuur;
· ontheffingen op grond van de
Wet bodembescherming en
het Lozingenbesluit
bodembescherming.
B&WSRAHCOSBSC    Geen mandaat bij een ingediende
zienswijze.
Ondertekening van bijlagen tot
het niveau van mw
gemandateerd.
161. Correspondentie in procedures
van:
· Wet milieubeheer
vergunningen en meldingen;
· nadere eisen op basis van
een algemene maatregel van
bestuur;
· ontheffingen op grond van de
Wet Bodembescherming en
het Lozingbesluit
bodembescherming.
Zie bijlage 3.
B&WSRAHCOSBSC CT/BAVS/
SMW 
  Alleen de in bijlage 3 opgenomen
bevoegdheden welke zijn
voorzien van een * zijn
gemandateerd tot het niveau van
mw.
162. Het (schriftelijk) wijzen op het niet naleven van voorschriften op grond van de milieuwetgeving, het berichten over de resultaten van een milieucontrole, het berichten naar aanleiding van klachten, het meedelen dat maatregelen moeten worden genomen, mits het gaat om een eenvoudige aangelegenheid.B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
163. Het advies inzake een aanvraag
om Wet milieubeheer vergunning
van een buurgemeente.
B&WSRAHCOSBSC    
164. Overige correspondentie
betreffende de milieuwetgeving,
met uitzondering van (ontwerp)-
besluiten.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
165. Het verlenen van een opdracht tot sanering onder regie van de
gemeente.
B&WSRAHCOSBSC    
166. Het verlenen van een opdracht tot geluid- en bodemonderzoek.B&WSRAHCOSBSC    
167. Besluiten met betrekking tot
kledinginzameling en het
inzamelen van oud ijzer.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KA 
168. Besluiten met betrekking tot het
toekennen van een bijdrage van
maximaal 50% van de stortkosten met een maximum van € 300,00 per te houden rommelmarkt in het
kader van het duurzaam
hergebruik van goederen.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
169. Het geven van opdrachten aan
het RMB voor de uitvoering van
werkzaamheden binnen de
daartoe gesloten overeenkomst.
B&WSRAHCO      
 REALISATIE & BEHEER          
170. Het verlenen van toestemming
voor het leggen of wijzigingen van kabels en leidingen aan
nutsbedrijven.
B&WSRAHCO      
171. Inkoopprocedure voor te gunnen werkenB&WSRAHCO      
172. Gunning meervoudig.B&WSRAHCO      
173. Gunning enkelvoudigB&WSRAHCOSBSC CT/BAVS/
SMW 
  
174. De gunning van werken binnen
het beschikbare krediet.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA   
175. Het uitvoeren van de
Telecommunicatie- verordening.
B&WSRAHCO      
176. Het verlenen van een vergunning
voor het gebruiken van de weg of een weggedeelte anders dan
overeenkomstig de bestemming daarvan (artikel 2.1.5.1 APV).
B&WSRAHCO      
177. Het verlenen van een vergunning voor het aanleggen, opbreken van verharding, in een weg te graven of te spitten, of een wegverharding te veranderen, zoals bedoeld in artikel 2.1.5.2. van de APV.B&WSRAHCO      
178. Het verlenen van een vergunning voor het maken van een uitweg, gebruik te maken van de weg voor het hebben van een uitweg en om een verandering aan te
brengen in een bestaande uitweg naar de weg, zoals bedoeld in artikel 2.1.5.3. APV.
B&WSRAHCO      
179. Het aanschrijven van
rechthebbende(n) van
beplantingen, die aan het verkeer het vrije uitzicht kan belemmeren, zoals bedoeld in artikel 2.1.6.3. van de APV, mits het gaat om een eenvoudige angelegenheid.
B&WSRAHCO      
180. Het verlenen van ontheffing van
het verbod drie of meer
voertuigen die hem toebehoren of zijn toevertrouwd op de weg te
parkeren binnen een cirkel met
een straal van 25 meter dan wel
de weg als werkplaats voor
voertuigen te gebruiken (artikel
5.1.2 lid 4 APV).
B&WSRAHCO      
181. Het verlenen van ontheffing voor
het parkeren van grote voertuigen (artikel 5.1.7 lid 4 APV).
B&WSRAHCO      
182. Het verlenen van de toestemming voor rioolaansluitingen.B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
183. Het nemen van verkeersbesluitenB&WSRAHCO      
184. Het nemen van tijdelijke
verkeersbesluiten, tenzij in het
kader van evenementen.
B&WSRAHCO      
185. Het nemen van een
aanstellingsbesluit met betrekking tot verkeersregelaars en verkeersbrigadiers.
B&WSRAHCO      
186. Het verlenen van een ontheffing
als bedoeld in artikel 149 van de
Wegenverkeerswet.
B&WSRAHCO      
187. Inkoopprocedure voor te gunnen diensten, werken of leveringen, ten behoeve van activiteiten werf.B&WSRAHCO      
188 Gunning meervoudig diensten,
werken of leveringen, ten
behoeve van activiteiten werf.
B&WSRAHCO      
189. Gunning enkelvoudig diensten,
werken of leveringen, ten
behoeve van activiteiten werf.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
 KAAlleen ten tijde van storingen en calamiteiten buiten kantooruren of
buiten de gebruikelijke werktijden.
190. Het verlenen van
kapvergunningen (art. 4.3.2. APV) en het opleggen van een
herplantplicht (art. 4.3.6. APV).
B&WSRAHCO      
191. Het aanschrijven van
rechthebbende(n) van betreffende bomen en beplantingen tot het nemen van maatregelen ter bestrijding van iepziekte, zoals bedoeld in artikel 4.3.8. lid 1 van de APV, mits het gaat om een
eenvoudige aangelegenheid.
B&WSRAHCOSBSC CT/BA VS/
SMW
  
192. Het verlenen van ontheffing van
het vervoersverbod, zoals
bedoeld in art. 4.3.8. lid 2 van de
APV.
B&WSRAHCO      
193.Het verzorgen van de
administratie inzake de
gemeentelijke begraafplaatsen.
B&WSRAHCO      

 

Toelichting

Aanhef
In de Algemene wet bestuursrecht is bepaald dat een bestuursorgaan mandaat kan verlenen, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald of de aard van de bevoegdheid zich tegen mandaatverlening verzet. Bij de invulling van het mandaatregister dient dan ook nauwgezet naar de op diverse beleidsterreinen betrekking hebbende wettelijke voorschriften te worden gekeken.

Mandaatverlening is bij uitstek het middel voor een rationele taakverdeling binnen de ambte-lijke organisatie. Deze moet daarom passen binnen het organisatiemodel. Overigens doet mandaat en ondermandaat geen afbreuk aan de in de organisatieregeling vastgelegde ver-antwoordingslijnen.

Paragraaf I Mandatering van bevoegdheden

Artikel 1

Mandaatverlening vindt plaats naar functies en niet naar personen. Dit heeft als voordeel dat bij mutaties in de personele bezetting het register niet behoeft te worden gewijzigd alsmede dat de plaatsvervanger bij afwezigheid van de gemandateerde automatisch in zijn plaats treedt.

Artikel 2
Alhoewel het op zich mogelijk en ook de bedoeling is om beslissingen op een zo laag mogelijk niveau binnen de gemeentelijke organisatie te laten nemen, verdient het geen aanbeveling om in één stap tot het allerlaagste niveau te mandateren. Vanwege de duidelijkheid van verantwoordingslijnen is het beter om het ambtelijk topmanagement de bevoegdheid tot ondermandatering te verstrekken. Ingevolge de Algemene wet bestuursrecht is ondermandaat slechts mogelijk als het hoofdmandaat in die mogelijkheid voorziet, hetgeen thans het geval is.
Op grond van het derde lid kan de mandaatgever de gemandateerde of de ondergemanda-teerde per geval of in het algemeen instructies geven terzake van de uitoefening van de ge-mandateerde of de ondergemandateerde bevoegdheid. Hiermee krijgt de mandaatgever een instrument in handen om te voorkomen dat er gebruik wordt gemaakt van een gemandateer-de of een ondergemandateerde bevoegdheid door een persoon die daartoe feitelijk (nog) niet capabel voor is.

Paragraaf II Toepassing van het mandaat

Artikel 3

Op grond van artikel 10:3, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht mag geen mandaatver-deling plaatsvinden voor:
1.Het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften, tenzij bij de verlening van die bevoegdheid in mandaatverlening is voorzien.
2.Het nemen van een besluit ten aanzien waarvan is bepaald dat het met versterkte meer-derheid moet worden genomen of waarvan de aard van de voorgeschreven besluitvor-mingsprocedure zich anderszins tegen mandaatverlening verzet.
3.Het beslissen op een beroepschrift.
4.Het vernietigen van of het onthouden van goedkeuring aan een besluit van een ander bestuursorgaan.
In het onderhavige artikel wordt het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften vol-ledig uitgezonderd. Verder sluit het artikel ook het vaststellen van beleidsregels en de beslis-sing op een bezwaarschrift uit.

Artikel 4
Dit artikel bevat een aantal beperkingen op de in het mandaatregister opgesomde gemanda-teerde taken/bevoegdheden.
In het algemeen geldt dat alle stukken waarbij twijfel kan rijzen welke beslissing het be-stuursorgaan zou nemen (“waarbij het beleid van het college c.q. de burgemeester is betrok-ken”), aan de portefeuillehouder c.q. de burgemeester worden voorgelegd.

Artikel 5
Dit artikel geeft een oplossing voor eventuele coördinatieproblemen.

Artikel 6
Dit artikel geeft aan wanneer er geen gebruik mag worden gemaakt van de bevoegdheid tot ondertekening van stukken.

Artikel 7
Naar buiten wordt aldus kenbaar gemaakt dat het besluit namens het college van burge-meester en wethouders of de burgemeester is genomen (afdoeningsmandaat).

Artikel 8
Naar buiten wordt aldus kenbaar gemaakt dat het besluit door het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester is genomen en in mandaat is ondertekend (onderteke-ningsmandaat).

Paragraaf IV Het mandaatregister


Artikel 10

Door dit artikel wordt voldaan aan de verplichting tot het bijhouden van een openbaar en algemeen toegankelijk register waarin alle mandaatverleningen zijn te vinden.

Paragraaf V Slot- en overgangsbepalingen

Artikel 11

Dit artikel voorziet in het geval dat de regeling waarop de gemandateerde bevoegdheid is gebaseerd wordt gewijzigd, ingetrokken of komt te vervallen.

Artikel 12

Dit artikel bevat een evaluatiebepaling.

Artikel 13

Ingevolge de Algemene wet bestuursrecht treedt een besluit niet in werking voordat het be-kend is gemaakt. In dit artikel is de bekendmaking geregeld.
Tevens is in dit artikel bepaald dat het eerder genomen mandaatbesluit op bovengenoemd tijdstip komt te vervallen.

Artikel 14

In dit artikel is de citeertitel opgenomen.