Verordening geurhinder en veehouderij 2007

Gegevens van de regeling

OverheidsorganisatieGemeente Sint Anthonis
Officiële naam regelingVerordening geurhinder en veehouderij 2007
CiteertitelVerordening geurhinder en veehouderij 2007
Versie1
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpmilieu

Opmerkingen m.b.t. de regeling

Geen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Wet geurhinder en veehouderij art. 3,4 en 6, Gemeentewet art. 149

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding 17-01-2008
Terugwerkende kracht t/m n.v.t.
Datum uitwerkingtreding n.v.t.
Betreft nieuwe regeling
Datum ondertekening 18-12-2007
Bron bekendmaking Peelrandwijzer 16-01-2008
Kenmerk voorstel Geen.
Versie 1

Tekst van de regeling


Verordening geurhinder en veehouderij 2007

De Raad van de gemeente Sint Anthonis

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 november 2007;

gelet op de artikelen 3, 4, en 6 van de Wet geurhinder en veehouderij en artikel 149 van de Gemeentewet;

BESLUIT:

vast te stellen de volgende verordening houdende regels met betrekking tot beslissingen inzake vergunningen krachtens de Wet milieubeheer voor veehouderijen, voor zover het betreft geurhinder vanwege tot die veehouderijen behorende dierenverblijven:

Verordening geurhinder en veehouderij 2007

Artikel 1. Begripsbepaling

In deze verordening wordt verstaan onder:

Extensiveringsgebied overig:
Het gebied met de benaming extensiveringsgebied met primaat overig zoals is vastgesteld in het reconstructieplan “Peel en Maas”.

Geurbelasting:
De waarde ter plaats van de gevel van het geurgevoelig object berekend met V-Stacks, uitgedrukt in Europese odour units per tijdseenheid;

Geurgevoeligobject (ggo):
zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet geurhinder en veehouderij;

Odour units (OUe/m3; P98):
geurconcentratie als aantallen Europese odour units in een volume eenheid lucht (OUE/m3), gemeten volgens de NEN-EN13725:2003 “luchtbepaling van de geurconcentratie door dynamische olfactometrie”. In deze verordening wordt voor de geurbelasting uitgegaan van het gebruikelijke 98-percentiel geurconcentratie. Dat betekent dat de – met een verspreidingsmodel – berekende geurconcentratie gedurende 98 procent van de tijdseenheid niet wordt overschreden;

Veehouderij:
inrichting die tot een krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer aangewezen categorie,behoort en is bestemd voor het fokken, mesten, houden, verhandelen, verladen of wegen van dieren;

Wet:
Wet geurhinder en veehouderij.

Artikel 2.

  1. Als gebied als bedoeld in artikel 6, lid 1 van de Wet wordt aangewezen het volgende gebied: het gehele grondgebied van de gemeente Sint Anthonis;

  2. Als gebied als bedoel in artikel 6 lid 3 van de Wet wordt aangewezen het volgende gebied: het gehele grondgebied van de gemeente Sint Anthonis;

  3. Het gebied als bedoeld in de leden 1 en 2 wordt aangegeven op de bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte “Quick-scan en opstellen gebiedsgericht geurbeleid, Wet geurhinder en veehouderij, gemeente Sint Anthonis, 2007” en bijbehorende kaarten (gebiedsindeling en geurhindercontouren);

  4. Voor de gebiedsindelingen zoals onderscheiden in de artikel 3 en 4 van deze verordening wordt verwezen naar de in het derde lig genoemde quick-scan en opstellen gebiedsgericht geurbeleid, Wet geurhinder en veehouderij, gemeente Sint Anthonis”.

Artikel 3. Waarden voor de geurbelasting:

In afwijking van artikel 3, lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij op een geurgevoelig object in het gebied als genoemd in artikel 2, lid 1 van deze verordening:

 

A : De ggo’s gelegen in de gele gebieden zoals weergegeven in tekening 1 rondom de kerkdorpen:
aLandhorst3 OUe/m3
bWanroij3 OUe/m3

B : De ggo’s gelegen in de blauwe gebieden zoals weergegeven in tekening 1 rondom de kerkdorpen:
aStevensbeek6 OUe/m3
bWesterbeek6 OUe/m3
cOploo6 OUe/m3

C : De ggo’s gelegen in de groene gebieden zoals weergegeven in tekening 1 ten noorden van Landhorst:
a10 OUe/m3 

D : de ggo’s gelegen op de bestaande en nieuwe bedrijventerreinen in de gehele gemeente (ook al zijn deze in extensiveringsgebieden overig gelegen):
a14 OUe/m3 
E:  

 

Artikel 4. Waarden voor vaste afstanden

In overeenstemming met het bepaalde in artikel 4.1 van de Wet bedraagt de minimale afstand voor de geurbelasting van een veehouderij ten opzichte van een geurgevoelige object:
 

  1. 50 meter ten opzicht van een ggo gelegen in de bebouwde kom:
    mits het bedrijf is gelegen in het extensiveringsgebied met primaat overig en waar de dieren in de zomerperiode een substatieel deel van de dag weidegang krijgen en waar minder dieren worden gehouden dan:
  2. ◦ maximaal 200 stuks melkrundvee (inclusief bijbehorend jongvee);
    ◦ maximaal 50 voedsters;
    ◦ maximaal 50 paarden;
    ◦ maximaal 50 landbouwhuisdieren (begrip volgens het Besluit landbouw milieubeheer) anders dan hierboven vermeld;
    ◦ met uitzondering van pelsdieren;
    ◦ met uitzondering van vissen die bedrijfsmatig binnen worden gehouden.
  3. Zoals weergegeven in tabel 1 mits het bedrijf is gelegen extensiveringsgebieden met primaat overig:
     

Tabel 1:
 

Aantal dieren1)

 
tot en met 200201 t/m 250251 t/m 300301 t/m 350Iedere 50 koeien meer
Minimaal vereiste afstand tot ggo in bebouwde kom (m)100125150175+ 25 meter
Minimaal vereiste afstand tot ggo buiten de bebouwde kom (m)5075100125+ 25 meter

1. Aantal melkkoeien is inclusief jongvee berekend volgens het Besluit landbouw

a. Zoals weergegeven in tabel 2 mits het bedrijf is gelegen in het verwevingsgebied en/of landbouwontwikkelingsgebied.

Tabel 2:
 

Aantal melkkoeien (inclusief bijbehorend jongvee)201 t/m 400401 t/m 500501 t/m 600601 t/m 70Elke 100 melkkoeien meer
Minimaal vereiste afstand (m) tot ggo buiten de bebouwde kom5075100125+ 25
Minimaal verieste afstand tot ggo in de bebouwde kom (m)100125150175+ 25

 

Artikel 5. Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als de “Verordening geurhinder en veehouderij 2007”.

Artikel 6

Inwerkingtreding

Artikel 7. Delegatie

Het te nemen aanhoudingsbesluit zoals vermeld in artikel 7 van de Wgv wordt gedelegeerd van de Raad aan het College van burgemeester en wethouders.

Sluiting

Aldus besloten in de openbare vergadering van de Raad

van de gemeente Sint Anthonis van 18 december 2007.

De Raad voornoemd,

de griffier, de voorzitter,

mr. A.P.J.L. Keijzers, J.M.J. Verbeeten

Bijlage

Sinds 1 januari 2007 is de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) in werking getreden.
Milieuvergunningsaanvragen afkomstig van agrarische veehouderijen worden getoetst aan de Wgv. In deze wet staan geurnormen en minimale vereiste afstanden waaraan een veehouderij moet voldoen. Deze normen beschermen geurgevoelige objecten (woningen) tegen geurhinder afkomstig van agrarische bedrijven.
Afwijken van deze normen is volgens de Wgv alleen mogelijk indien door de gemeente een gebiedsvisie is opgesteld en indien de gemeentelijke normen zijn opgenomen in een verordening. Uit een quick-scan bleek dat een goed woon- en leefklimaat op basis van de wettelijke normen niet gegarandeerd kan worden.
Daarom is er op 19 december 2007 door de gemeenteraad een gebiedsvisie voor de gemeente Sint Anthonis opgesteld en een verordening vastgesteld.

Tekening geurhinder